Previous Image
Next Image

info heading

info content


 

Over het onderzoekspand

Het onderzoek beperkte zich tot het historische interieur van twee ruimtes binnen het pand. De voorsuite en de achtersuite. De beide ruimtes zijn in het derde kwart van de zeventiende eeuw tot stand gekomen, maar de interieuronderdelen stammen voor het grootste deel uit de negentiende eeuw. Door de interieuropzet van de beide ruimtes te analyseren bleek dat het interieur opgezet was vanuit een symmetrisch concept. Met name de vensters, suitedeuren, stucplafond decoratie en de positie van de schouw droegen bij aan de symmetrie. Door te letten op de dragers van de decoratie, kwamen soms opvallende ontdekkingen aan het licht. Zo bleek het gedecoreerde stucplafond in de voorsuite een recente reconstructie omdat deze op steengaas was bevestigd. Delen van het oorspronkelijke stucplafond (door riet gedragen) waren nog opgeslagen in de kelder van het huis. In sommige gevallen gaven esthetische kenmerken een aanwijzing voor een datering. Zo werd het papierbehang met bloemmotief in de voorsuite vanwege de rustige kleurstelling (grijs, groen en blauw) rond het midden van de negentiende eeuw gedateerd. Ook de schouw in de voorsuite is in deze periode gedateerd vanwege de toegepaste decoraties in Biedermeijerstijl op de schoorsteenmantel en de schouwboezem. Door nauwkeurig te analyseren uit welk materiaal de decoratieve elementen opgebouwd zijn kon deze datering bevestigd worden. Door de decoratieve elementen en de opbouw van de compositie naast vergelijkbare schouwen te zetten, verkreeg de lezer van het onderzoeksrapport een goed beeld van de destijds heersende mode op het gebied van schouwdecoratie.

Over het onderzoek

opdrachtgever: Stichting Het Drentse Landschap/Hogeschool Utrecht

Interieuronderzoek is een bijzondere vorm van bouwhistorisch onderzoek, het materiaal wordt letterlijk “tot op de centimeter” onderzocht. Binnen het bereik van het onderzoek konden slechts twee interieurs onderzocht worden: de voorsuite en de achtersuite. Een grondig bouwhistorisch onderzoek naar de bouwmassa of het interieur van de overige ruimtes kon niet uitgebreid gedaan worden. Dit onderzoek was dan ook een goede oefening in het effectief opstellen van een deelonderzoek waarbij de context niet uit het oog verloren werd. Een andere reden waarom interieuronderzoek bijzonder is, is vanwege het feit dat interieurs in het verleden bijna altijd meerdere malen gemoderniseerd zijn. Het komt dan ook regelmatig voor dat het casco veel ouder is dan het aanwezige interieur. Soms ook zijn er restanten of sporen van oudere interieurfases aanwezig. Bouwhistorisch onderzoek naar het interieur kan dit blootleggen en het aanwezige historische interieur duiden.