Previous Image
Next Image

info heading

info content


 

Over het onderzoekspand

In opdracht van de Amsterdamse bankiersfamilie Wurfbain is de boerderij in 1898 als onderdeel van hun landgoed Heuven gebouwd. De boerderij ligt aan de toegangsweg naar het landgoed en er is om die reden dan ook extra aandacht geschonken aan de architectuur van de gevels. De vensters werden geflankeerd door beschilderde luiken en de voegen zijn met rode verf beschilderd zodat het effect van “rode banden” op de gevel werd gesuggereerd. In de top van de puntgevels is (niet dragend) houten siervakwerk aangebracht. Ook aan de windveren en siermakelaars is bijzondere aandacht besteed, deze lijken te zijn geïnspireerd op de architectuur van Noorse houten prefabwoningen die rond de eeuwwisseling populair waren. Dat meneer Wurfbain deze stijl wel beviel blijkt uit het feit dat hij in 1903 een Noors prefab huis voor zijn dochter bestelde. De forse dakschilden van het achterhuis werden bekleed met grijze gesmoorde dakpannen. Met rode dakpannen werd een decoratief patroon in het dakvlak aangebracht. Zelfs in de achtergevel, waar het boerenbedrijf zich afspeelde, werd een decoratieve houten geveltop aangebracht. In 1937 werden in het achterhuis enkele ruimtes ten behoeve van de woning gebouwd wat ten koste ging van de boerderijfunctie. Ook de gevels werden daarbij enigszins aangepast. De meest grondige wijziging vond echter in 1985-1987 plaats, waarbij het volledige binnenwerk van de boerderij (op de kelders na) opnieuw opgebouwd werd. Ook is bijna het volledige dak vernieuwd en is het omringende erf opnieuw ingericht.

Over het onderzoek

opdrachtgever: Vereniging Natuurmonumenten

De opdracht vanuit Natuurmonumenten was om de bouwfasen in kaart te brengen en de cultuurhistorische waarden van de onderdelen vast te stellen. Voor een helder overzicht zijn waarderings- en dateringsplattegronden van de boerderij en het erf gemaakt. In een separaat bijgeleverd rapport is een eerste opzet van de randvoorwaarden voor een verbouwing geleverd.

Omdat het volledige interieur (op de kelders na) uit de jaren tachtig dateert, heeft de nadruk van het onderzoek met name op de historische gevels gelegen. De verhardingen en beplanting op het erf zijn eveneens in die periode aangelegd, maar toch is ook het erf in kaart gebracht waarbij een advies over de voorkeuren voor eventuele bebouwing gegeven is. De (historische) relatie met het landschap en de zichtlijnen speelde in het advies een belangrijke rol. Ook de schuren op het erf zijn gedateerd en cultuurhistorisch gewaardeerd.